Voorzichtig herstel gemeentefinanciën

Enkele weken terug heeft het college de begroting 2016 inclusief de meerjarenbegroting gepresenteerd. Elk jaar toch weer een belangrijk document, al zijn er geen grote verrassingen te verwachten. Immers de gemeenteraad heeft in juli de Voorjaarsnota 2016 al vastgesteld en daarin staan de belangrijkste uitgangspunten voor de nieuwe begroting al vermeld. Niettemin, toch een belangrijk moment in de gemeentelijke politiek en dus is het logisch dat ik daar ook op deze plaats aandacht aan besteed.

Allereerste het begrotingsbeeld voor de komende jaren. De begroting 2016 sluit met een negatief saldo van 146 duizend euro op een totale begroting van ruim 104 miljoen. Dat is op zich een redelijke uitkomst, maar als je het vergelijkt met de uitkomst in de Voorjaarsnota, dan komt dat bijna een half miljoen gunstiger uit dan in juli. Dat wordt o.a. veroorzaakt doordat de uitkering uit het Gemeentefonds gunstiger uit pakt dan in de Voorjaarsnota nog verwacht werd. Bovendien werd in de Voorjaarsnota nog voorgesteld om 6 ton extra aan personeel uit te geven. De gemeenteraad, zeker ook onze fractie, heeft daar toen zeer terughoudend op gereageerd en aan het college gevraagd om die post nog eens zeer kritisch te bezien. Nu blijkt in de begroting dat van die 6 ton voor extra personeel (eigenlijk was er sprake van minder bezuinigen) weer twee ton is geschrapt. Daar staat dan wel weer tegenover dat voor kosten juridische deskundigheid 60 duizend extra wordt uitgetrokken. Verder is een belangrijk voordeel t.o.v. de Voorjaarsnota dat de kapitaallasten van de sporthal Dillenburg in 2016 vrij vallen (bouw start in 2016, maar de lasten drukken voor het eerst op de begroting in 2017) en dat levert nog een voordeeltje op van 292 duizend euro. Het begrotingssaldo voor 2016 is daarmee uitgekomen op 146 duizend euro negatief, maar in de komende jaren worden behoorlijke overschotten voorzien. Voor 2017 t/m 2019 wordt in totaal een overschot begroot van 2,7 miljoen. Een gunstig beeld dus, maar dat is ook nodig. Want er blijven grote risico’s zoals de grondexploitatie, de participatie (Baanbrekers) en de (jeugd)zorg. De afgelopen jaren is er stevig bezuinigd en diverse bezuinigingen uit het verleden moeten hun uitwerking in 2016 e.v. nog krijgen. Maar voor het eerst sinds jaren hoeven er geen nieuwe bezuinigingen doorgevoerd te worden en dat stemt tevreden.

Een ander belangrijk punt bij de beoordeling van een begroting is de reservepositie van de gemeente en dan met name het verloop van de Algemene Reserve. Zoals bekend is die Algemene Reserve in de afgelopen jaren behoorlijk achteruit gelopen door de vorming van verliesvoorzieningen voor de bouwgrondexploitatie. Bij de jaarrekening 2014 kwamen we, na verrekening van het tekort over dat jaar, zelfs uit beneden de 5 miljoen, terwijl de gemeenteraad eigenlijk uitgaat van een minimumniveau van 10 miljoen. Als we nu in de begroting 2016 kijken, dan blijkt dat die Algemene Reserve in de komende jaren weer terug op het gewenste peil komt. Vanaf 2018 komt de reserve weer royaal boven de gewenste 10 miljoen, o.a. dankzij de verkoop van gemeentelijke eigendommen en winstnemingen uit enkele gunstige grondexploitaties. Ook dat ziet er dus gunstig uit.

De begroting is dan wel (meer dan) sluitend en het gaat ook weer de goede kant op met de reservepositie. Maar gebeurt er ook nog iets in 2016? Zijn er ook nieuwe plannen die in 2016 tot uitvoering moeten komen? Allereerst is er natuurlijk de Voorste Venne. Zoals het er nu bijstaat zal de verbouwing (of renovatie zo u wilt) in 2016 gaan plaats vinden. Dat vergt een investering van 5 miljoen. Verder is er 6 miljoen uitgetrokken voor investeringen in de gemeentelijke riolering; dat klinkt natuurlijk niet erg spectaculair, maar het zijn wel broodnodige investeringen. En natuurlijk wordt er verder gewerkt aan de majeure projecten zoals het GOL (uitvoering start in 2017), Centrumplan Vlijmen (1,4 miljoen voor infrastructuur in 2017) en Dillenburg sporthal (in 2017 5 miljoen) en natuurlijk woningbouw, vooral in Geerpark en Grassen, kortom plannen en ambitie genoeg.

Blijft over een laatste belangrijk aspect bij beoordeling van de begroting en dat is de ontwikkeling van de lokale lasten. Ofwel de vraag wat de directe financiële gevolgen voor onze inwoners zijn. Daarover volgende week meer.

 

Kees Musters

Drunen, vrijdag 2 oktober 2015

Volg mij ook met korte berichtjes op:     www.twitter.com/keesmusters