Baanbrekers naar zwarte cijfers

Afgelopen maanden heb ik enkele keren aandacht besteed aan Baanbrekers, de uitvoeringsorganisatie voor bijstand en sociale werkvoorziening voor de gemeenten Heusden, Loon op Zand en Waalwijk (zie mijn columns van 4 en 11 juli jl.). De financiële resultaten van Baanbrekers staan zwaar onder druk, de economische crisis leidt tot een uitdijend klantenbestand (momenteel al meer dan 1600 mensen in de bijstand) en de reserves die in voorgaande jaren vooral bij het voormalige WML-bedrijf waren opgebouwd zijn helemaal opgesoupeerd. Volgens de begroting 2015 en volgende jaren stevent Baanbrekers bij ongewijzigd beleid af op tekorten tussen de 3 en 4 miljoen per jaar. Er moeten maatregelen genomen worden om die tekorten terug te dringen, maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan.

Er ligt nu een strategisch plan 2015-2018 met een aangepaste meerjarenbegroting die a.s. maandag in het Algemeen Bestuur behandeld zal worden en die vervolgens naar de drie gemeenteraden gestuurd zal worden, zodat die hun zienswijzen daarop kunnen geven. Daarna zal het Algemeen Bestuur de stukken definitief vaststellen. Er is een drietal scenario’s uitgewerkt; één van die drie scenario’s, het zgn. offensieve scenario, leidt op termijn inderdaad tot zwarte cijfers. In dat scenario zou de organisatie in 2018 een positief resultaat draaien van ruim 1 miljoen. Uiteraard met de inzet van de rijksmiddelen voor participatie en met inzet van de gemeentelijke bijdragen in de apparaatskosten. Het offensieve scenario gaat uit van een achttal beleidslijnen die te samen tot die verbetering van het resultaat moeten leiden.

baanbrekers[1]

Een belangrijke beleidslijn daarbij is het beter benutten van de loonwaarde van de WSW-medewerkers en bijstandsklanten. De nieuwe Participatiewet biedt die mogelijkheid: van elke WSW-medewerker en in een later stadium ook van iedere bijstandsklant wordt de zgn. loonwaarde bepaald, d.w.z. de productiviteitswaarde van de betreffende medewerker ofwel in hoeverre kan de WSW-medewerker nog een positieve bijdrage leveren aan de toegevoegde waarde van een bedrijf. Naarmate die loonwaarde hoger is, kan de loonkostensubsidie lager worden. Baanbrekers wil die beschikbare loonwaarde in de komende jaren beter gaan benutten. Een andere beleidslijn is meer samenwerking zoeken met de regio Hart van Brabant, de arbeidsmarktregio waartoe onze drie gemeenten ook behoren. Die samenwerking moet de nodige schaalvoordelen kunnen opleveren. Sommige zaken kun je beter in regionaal verband regelen zoals bijvoorbeeld de methode om de loonwaarde vast te stellen of de werkgeversbenadering beter coördineren; andere zaken kun je beter op Baanbrekers niveau blijven doen omdat je dan nou eenmaal dichter bij je relaties zit.

Ook de diverse productieafdelingen van Baanbrekers worden tegen het licht gehouden. Daarbij valt niet uit te sluiten dat echt verliesgevende afdelingen gesloten zullen worden; de omzet bij de renderende activiteiten zou stevig omhoog moeten. Ook samenwerking met de Diamant-groep zou hier tot synergievoordelen kunnen leiden. Ook met het instrument van detachering wil men verder aan de slag. Dit blijkt in de praktijk tot redelijk goede resultaten te leiden en men wil dat op uitgebreidere schaal gaan toepassen. Verder denkt men aan de versterking van de acquisitie, het relatiebeheer en de marktbewerking. Met andere woorden, via intensiever contact met het bedrijfsleven, o.a. via de beproefde Talent2Work-methode, meer klanten onderbrengen in reguliere banen bij bedrijven, al dan niet met begeleiding en met loonkostensubsidie.

Ook de eigen organisatie ontkomt niet aan een kritische blik. Een reorganisatie met op termijn een lagere personeelsbezetting is één van de doelen. Ook het afstoten van onroerend goed behoort tot de mogelijkheden. Aansluiting bij de transitie sociaal domein hoort daarbij; Baanbrekers sluit aan bij het wijkgerichte werken in het kader van zorg, jeugdzorg en participatie. In Heusden bijvoorbeeld zit er een vertegenwoordiger van Baanbrekers in de sociale wijkteams. Dan is er nog WML Facilitair, het bedrijf dat voor 50% eigendom is van Baanbrekers en voor 50% van Vebego. Die samenwerking heeft tot nu toe nog niet aan de verwachtingen voldaan, in tegendeel, Baanbrekers heeft tot op heden nog geen winstuitkering ontvangen, al zat dat wel in de begroting. Ook die samenwerking wil men dus opnieuw tegen het licht houden.

Wellicht nog de belangrijkste beleidslijn is intensivering van de samenwerking met de drie gemeenten. Daarbij komen allerlei elementen aan de orde, zoals wel of niet beschut-werken-nieuwe-stijl in de Langstraat, duidelijkheid over weerstandsvermogen en liquiditeit van Baanbrekers (zo zou Baanbrekers volgens de Gemeenschappelijke Regeling over een eigen vermogen moeten beschikken van 1,2 miljoen, maar de werkelijkheid is dat het eigen vermogen door de verliesgevende resultaten in de afgelopen jaren volledig is uitgehold), maar het belangrijkste punt blijft uiteindelijk toch werk, werk, werk. Gemeenten moeten bereid zijn om werk te gunnen aan Baanbrekers, want dat is voor deze organisatie van essentieel belang. In de begroting waren in de afgelopen jaren bedragen opgenomen voor de zgn. Social Return en inbesteding; daar is te weinig van gerealiseerd en dat gaat direct ten koste van de werkgelegenheid bij Baanbrekers en ten koste van het uiteindelijke resultaat. En die verliezen moeten uiteindelijk toch weer door diezelfde gemeenten bijgepast worden.

Drunen, vrijdag 12 december 2014

Kees Musters

Volg mij ook met korte berichtjes op:     www.twitter.com/keesmusters