Eén van de kerntaken van de gemeente is de volkshuisvesting. Een goed dak boven je hoofd is een van de basisbehoeften van mensen. Het is dan ook van groot belang dat gemeenten een duidelijk beeld hebben van het te voeren beleid op dit gebied. Beleid dat ook regelmatig geactualiseerd dient te worden. De gemeente Heusden heeft in 2008 de Nota Volkshuisvesting vastgesteld. Maar de wereld van woningbouw is sindsdien behoorlijk veranderd; tijd dus voor een nieuwe visie, de onlangs gepresenteerde Woonvisie. Volgende week de behandeling in de informatievergadering Ruimte, daarna (op 19 februari) vaststelling in de gemeenteraad.

De Nota Volkshuisvesting was vooral gericht op de nieuwbouwactiviteiten met speciale aandacht voor lage inkomens, starters en senioren, maar ook oog voor de Heusdense bijdrage aan de regionale bouwopgave.  Direct na de vaststelling van deze nota (je zou bijna denken dat er een causaal verband is) kregen we eind 2008 de economische crisis. Een crisis die de woningbouwmarkt zwaar geteisterd heeft. De prijzen van woningen zijn in de jaren daarna aanzienlijk gedaald; datzelfde geldt voor het aantal verkochte woningen en de nieuwbouw van woningen daalde zo mogelijk nog harder. De wereld van de woningmarkt is in enkele jaren tijd totaal veranderd. De gemeente Heusden speelt hier op in met een nieuwe woonvisie met andere accenten op het beleid t.a.v. de volkshuisvesting. Voor een deel werden die andere accenten ook al in de afgelopen jaren gelegd; denk aan de plannen die in de afgelopen jaren verschenen zoals de Masterplan de Grassen en bestemmingsplan Geerpark waarbij flexibiliteit van de plannen voorop staat en denk bijvoorbeeld ook aan het welstandsbeleid, dat grotendeels is losgelaten.

Voor de jaren 2014-2018 worden in de Woonvisie een vijftal speerpunten benoemd. De trend van de afgelopen jaren met minder regels, meer vrijheid en meer zeggenschap voor de burgers over hun eigen woonomgeving is daarin duidelijk herkenbaar. Op de eerste plaats wil men de burger voorop stellen (Bewoners maken Heusden). Burgers kunnen en mogen initiatieven nemen voor de invulling van hun eigen leefomgeving. Als tweede uitgangspunt wordt de betaalbaarheid genoemd. Ook mensen met een laag en/of middeninkomen moeten in Heusden op de woningmarkt terecht kunnen. Energiebesparing is een belangrijke mogelijkheid om de woonlasten te beperken. Als derde punt noemt de visie  het inspelen op de groeiende vraag naar wonen met zorg. Mensen worden steeds meer zelf verantwoordelijk voor het organiseren van de zorg aan naasten en dat stelt eisen aan de huisvesting. Vierde uitgangspunt is om via de nieuwbouw te streven naar meer variatie in het woonaanbod waarbij ook hier ruim baan voor het eigen initiatief van burgers. Geen volledige uitgekristalliseerde bestemmingsplannen, maar Masterplannen met een globale invulling van wegen- en waterstructuur en daarbinnen een flexibele invulling. Men kiest voor een organische aanpak van gebiedsontwikkeling, uitgaande van de wensen van de consument. Overigens blijft nieuwbouw en dus uitbreiding van ons woningbestand noodzakelijk. Het aantal inwoners zal weliswaar in de komende jaren niet of nauwelijks toenemen, maar de gemiddelde woningbezetting neemt nog altijd af en bovendien hebben we ook nog een regionale taakstelling. In de Woonvisie gaat men voor de komende tien jaren uit van 500 tot 600 nieuwe sociale huurwoningen en 400 nieuwe woningen voor het middensegment. In totaal moeten er gemiddeld zo’n 250 woningen in totaal per jaar gebouwd gaan worden.
Als vijfde speerpunt wordt genoemd het benutten van de kracht van bestaande wijken. In Heusden staan ongeveer een 17.500 woningen en het overgrote deel daarvan staat natuurlijk in bestaande wijken. Niet onlogisch dus om daar nadrukkelijk aandacht aan te besteden. Men kiest voor een integrale benadering met aandacht voor wonen, openbare ruimte en de voorzieningen. Burgers en andere betrokken partijen zoals de wooncorporatie moeten zelf hun leefomgeving kunnen bepalen en in de toekomst wellicht ook kunnen beheren.
Enkele concrete maatregelen die in de Woonvisie als inzet van de gemeente worden genoemd:

  • Flexibele bestemmingsplannen en gebruik van masterplannen
  • Experimenteren met vormen van zelfbeheer van openbaar gebied (in de komende vier jaren wil men tenminste twee projecten realiseren waar woningen en omgeving door bewoners ontwikkeld worden.
  • Ruimte voor sociale huur op nieuwbouwlocaties; gereduceerde grondprijzen voor sociale huur en sociale koopwoningen
  • introductie erfpacht en startersleningen
  • wegnemen van belemmeringen in de ruimtelijke regelgeving, bijvoorbeeld t.b.v. mantelzorg en aanpassingen van bestaande woningen faciliteren
  • introductie van de kavelwinkel en de “mogelijk-maker”
  • versterking van het wijkgericht werken

Kortom, genoeg te doen in de komende jaren en dat is ook hard nodig om de woningbouw weer een beetje vlot te trekken.

 

Drunen, vrijdag 24 januari 2014

Kees Musters

Volg mij ook met korte berichtjes op:     www.twitter.com/keesmusters