Raad wijst één locatie voor zonneveld aan

De raadsvergadering van 30 maart telde niet erg veel bespreekpunten, eigenlijk maar twee. De aanwijzing van locaties voor zonnevelden en een project herinrichting toegang jeugdzorg. De gemeenteraad nam er dan ook uitgebreid de tijd voor, met name het eerste onderwerp vroeg veel vergadertijd met twee moties en een amendement.

Aanwijzing locaties zonnevelden
In september 2019 stelde de raad al de zonnevisie vast; daarin werd op de eerste plaats vastgesteld dat we ook in Heusden ruimte zullen moeten zoeken voor zonnevelden. Als we aan alle milieudoelstellingen uit het Klimaatakkoord in Nederland willen voldoen, dan vormen zowel windenergie als zonne-energie onmisbare elementen. De eerste voorkeur gaat daarbij uit naar zon op dak, daar is iedereen het wel over eens. Maar dat zal niet voldoende zijn; ook grotere zonnevelden zullen nodig zijn, ook als alle mogelijkheden voor zon op dak optimaal benut zouden worden. De noodzaak van zonnevelden wordt door de meeste partijen wel onderschreven, maar de vraag is waar ze dan aangelegd moeten worden. Veel mensen zitten niet te wachten op een zonneveld naast de deur. Om richting te geven aan het beleid heeft de raad in de zonnevisie criteria opgesteld waaraan initiatieven voor zonnevelden moeten voldoen. Bijvoorbeeld een goede ruimtelijke inpassing, liefst geen waardevolle landbouwgrond en participatie van inwoners in het project. Met name die participatie van inwoners is erg belangrijk. Het gaat dan niet alleen om mede-eigendom van het zonneveld en de besluitvorming rondom de totstandkoming, maar ook het meeprofiteren  van de revenuen van het zonneveld. Niemand zit te wachten op energiecowboys die met de grote winsten gaan lopen. Op basis van die zonnevisie werden initiatiefnemers in de gelegenheid gesteld om projecten aan te dragen en daar is in ruime mate gebruik van gemaakt. In totaal werden 11 initiatieven bij het college ingediend. Uit die elf projecten heeft het college er met behulp van een afwegingskader twee uitgekozen en die werden tijdens de raadsvergadering aan de raad voorgelegd: een project aan de Polderweg1 in Oudheusden en een project aan de Mariëndonkstraat in Elshout. Enkele weken eerder waren de twee projecten al uitvoerig aan de raad toegelicht door de initiatiefnemers en nu dus de besluitvorming. De raad had veel waardering voor het project in Oudheusden. Er zijn nog veel vragen en veel zaken moeten nog nader worden uitgewerkt. Maar de locatie, de ruimtelijke inpassing, de matige kwaliteit van de landbouwgrond op die plek en de wijze waarop de participatie wordt georganiseerd waren voldoende aanleiding om positief te adviseren over deze projectlocatie. Het college zal deze locatie volgende week (6 april 2021) gaan aanwijzen (althans daar gaan we nu van uit) en dan kunnen al die zaken verder uitgewerkt gaan worden. De resultaten daarvan zullen t.z.t. opnieuw voorgelegd worden aan de raad.
Over het project in Elshout was de raad minder positief. Met name de manier waarop men de participatie wilde gaan regelen was nog niet voldoende uitgekristalliseerd en ook nieuwe ontwikkelingen zoals nieuwe eigenaar en splitsing van het project gaven de raad niet het vertrouwen om deze locatie nu al aan te wijzen. Vandaar een amendement van de vier coalitiepartijen waarbij deze locatie buiten de boot viel.

Toegang tot de jeugdzorg

Tweede onderwerp van gesprek was de Jeugdzorg. Al tijden worden gemeenten in Nederland geconfronteerd met de toenemende kosten van de Jeugdzorg. Dat geldt ook voor Heusden, al verkeert Heusden in de gelukkige omstandigheid dat er in de afgelopen jaren een behoorlijke Reserve Sociaal Domein is opgebouwd waaruit de tekorten tot nu toe bestreden konden worden. Maar die reserve is niet onuitputtelijk. Er moeten daarom wegen gevonden worden om die kosten in het sociaal domein beter beheersbaar te maken. Het college probeert dat via allerlei actielijnen en één daarvan is de toegang tot de jeugdzorg kritisch benaderen. Die toegang verloopt meestal via huisartsen of andere medische instellingen, maar het college wil die toegang tot de jeugdzorg anders gaan inrichten. Meer centraal reguleren en daarbij niet alleen kijken naar de hulpvraag van de jeugdige, maar vooral letten op het gehele huishouden. Problemen bij een jeugdige staan vaak niet op zichzelf, maar komen regelmatig voort uit problemen die het gehele huishouden betreffen. De oplossing ligt dan veel eerder in een integrale aanpak van de gezinsproblematiek. Die nieuwe aanpak moet er toe leiden dat er minder vaak een beroep gedaan wordt op dure specialistische jeugdzorg, dat kinderen zo snel mogelijk in beeld komen en dat er snel hulp verleend kan worden en dat die hulp verleend kan worden via het aanbod in het voorliggend veld.
De gemeenteraad was zeer positief gestemd over het voorstel en het krediet van 150 duizend euro om dit project op te gaan zetten was dan ook geen enkel probleem.

Verder nog enkele hamerpunten op de agenda zoals de kadernota’s 2022 voor de Veiligheidsregio, de GGD Hart van Brabant en van het Streekarchief en tot slot nog een motie vreemd aan de orde over bijstandsbeleid. In de Tweede Kamer is onlangs een motie aangenomen om giften aan bijstandsgerechtigden tot een bedrag van 1200 euro vrij te stellen. Dat betekent dat een gift dan niet meer automatisch leidt tot een vermindering van de bijstandsuitkering. Die motie is dan wel aangenomen in de Tweede Kamer, maar dan is het nog geen wet. Tot die tijd kunnen gemeenten in de eigen bijstandsverordening die regeling al vast opnemen. Daartoe werd het college in Heusden via een motie van GroenLinks, D66 en PvdA opgeroepen; die motie werd door de gehele raad overgenomen. Probleem is dat de uitvoering van de Participatiewet waarin de bijstand geregeld wordt, niet door Heusden zelf wordt uitgevoerd maar door Baanbrekers, mede namens Loon op Zand en Waalwijk. Daar ligt de uiteindelijke besluitvorming en uitvoering en dat is dus nog even afwachten. De Heusdense raad heeft zijn mening in ieder geval via deze motie duidelijk naar voren gebracht.

Drunen, 31 maart 2021

Kees Musters