Heusden houdt in 2020 4,6 miljoen over

Juni, in gemeenteland de tijd waarin elk jaar weer de financiële jaarstukken gepresenteerd worden. Ook het college in Heusden kwam deze week met het jaarverslag en jaarrekening over het afgelopen jaar, een bijzonder jaar want de coronapandemie heeft zijn sporen nagelaten. Daarover zo dadelijk meer. Naast de terugblik op het afgelopen jaar kwam het college ook met de eerste bestuursrapportage over 2021 (hoe staat het met de uitvoering van de begroting 2021?) en met de Voorjaarsnota (ofwel de eerste bespiegelingen over de vooruitzichten voor 2022). Kortom, genoeg stof om te bespreken in de raad en dat zal op 6 juli zeker gaan gebeuren in een extra raadsvergadering. De komende weken komen op deze plaats de bestuursrapportage en de voorjaarsnota aan bod, deze week het jaarverslag en de jaarrekening over 2020.

Om maar met de deur in huis te vallen: de jaarrekening 2020 sluit met een overschot van ruim 4,6 miljoen. Zoals elk jaar wordt het resultaat positief beïnvloed doordat bepaalde zaken in 2020 nog niet afgewerkt konden worden. Projecten die over de balansdatum van 31 december heen lopen of budgetten die nog niet of niet helemaal besteed werden, de zgn. budgetoverheveling. Het gaat dan over een bedrag van ruim 1,4 miljoen. Daarmee rekening houdend blijft er nog altijd een overschot over van 3,2 miljoen en dat is op zich een goed resultaat. Daarbij past meteen een kanttekening want het bereiken van een overschot in de jaarrekening is natuurlijk geen doel op zich. Sterker nog, ideaal zou zijn als alles keurig conform de begroting ook was uitgevoerd en dat het saldo in de jaarrekening nihil zou zijn. Doelstelling bij de vaststelling van de begroting is immers dat bepaalde beleidsdoelstellingen ook gerealiseerd worden en dat de daarbij behorende middelen ook effectief en efficiënt worden benut. Burgers betalen geen belasting om overschotten bij de gemeente te creëren.

Belangrijk bij de beoordeling van de financiële stukken over een bepaald jaar, dit keer 2020, is of de beleidsdoelstellingen ook inderdaad gerealiseerd zijn. Heeft de gemeente ook uitgevoerd waartoe de raad bij de begrotingsvaststelling heeft besloten. Wat dat betreft was 2020 wel een heel bijzonder jaar vanwege de al eerder genoemde coronapandemie. Diverse voornemens konden door de coronamaatregelen niet of niet helemaal uitgevoerd worden. Daartegenover staat dat er vele werkzaamheden en uitgaven op de gemeente afkwamen die bij de begroting niet voorzien konden worden. In de loop van 2020 werden gemeenten geconfronteerd met allerlei coronamaatregelen, die inzet van ambtelijke capaciteit en ook geldmiddelen vereisten. Velen zagen al donkere wolken boven de gemeentekas. Maar uiteindelijk zijn de financiële gevolgen van de coronacrisis voor de gemeenten meegevallen; het Rijk is op veel terreinen royaal met compensatiegelden tegemoet gekomen. Zo kreeg Heusden bijvoorbeeld 8,8 miljoen voor de coronasteunmaatregelen t.b.v. onze ondernemers; ook kwam er geld beschikbaar voor het verenigingsleven, waarvan overigens het grootste deel pas in 2021 uitbetaald zal worden (via de al genoemde budgetoverheveling).

Analyse van het jaarresultaat is, gelet op de coronaproblematiek, dus een moeilijke zaak. Vergelijking van behaalde resultaten, zowel qua beleidsdoelstellingen als financieel, stuit steeds weer op de invloed van de gezondheidscrisis. Natuurlijk zijn er zowel voor- als nadelen ten opzichte van de (gewijzigde) begroting. Belangrijkste voordeel is dat de verliesvoorzieningen voor de diverse grondexploitaties met 549.000 euro verlaagd konden worden; verder viel de uitkering uit het Gemeentefonds over voorgaande jaren 291.000 euro hoger uit, de vennootschapsbelasting bleek lager uit te vallen dan begroot (133.000) en er werd minder geld aan duurzaamheidsbeleid uitgegeven (117.000). Belangrijke tegenvallers waren de afwaardering van een perceel grond door een bestemmingswijziging (204.000), hogere ICT-uitgaven (191.000) en een tegenvallende exploitatie van zwembad Die Heygrave (149.000). Maar verder geen extreem grote mee- of tegenvallers bij vaststelling van het jaarresultaat.

De enige grote tegenvaller die wel gemeld kan worden maar die geen invloed heeft op het rekeningresultaat, heeft betrekking op het Sociaal Domein. De uitgaven aan jeugdhulp, hulp bij de huishouding en Hulp door begeleiding komen bijna 3 miljoen euro hoger uit dan de beschikbare (rijks-)budgetten. Het tekort kon gedekt worden vanuit de in het verleden gevormde Reserve Sociaal Domein, maar dat potje is nu wel aanzienlijk kleiner geworden. De reserve is in één jaar tijd gedaald van 5,6 naar 3 miljoen euro.
Daar staat tegenover dat de Algemene Reserve eind 2020 uitkwam op 18,9 miljoen en daar wordt het voordelig saldo over 2020 (excl. de overheveling) nog aan toegevoegd. Daarmee heeft Heusden in ieder geval een solide financiële basis, al blijft de grote schuldenpositie een punt van zorg: de solvabiliteit (eigen vermogen t.o.v. het totaal vermogen) komt uit op bijna 20% en dat is landelijk gezien extreem laag.
Tot slot nog de volgende opvallende cijfers uit de jaarrekening 2020: de kosten van inzameling en verwerking van huishoudelijk afval zijn aanzienlijk lager dan begroot.  Dat komt vooral doordat er een andere vergoedingsstructuur voor het PMD-afval is gekomen. Per saldo is er echter veel meer restafval ingezameld en de inzamel- en verwerkingskosten daarvan waren hoger. De coronacrisis zorgde ervoor dat mensen veel meer tijd  thuis moesten doorbrengen en de ondergrondse afvalcontainer werd dan ook veel vaker bezocht dan verwacht. Meer huishoudelijk afval, maar ook meer inkomsten, vooral omdat het vastrecht in 2020 aanzienlijk werd verhoogd. Resultaat van al die ontwikkelingen: de totale opbrengsten waren 4,1 miljoen; de kosten waren veel lager, nl. 3,1 miljoen. Een overdekking dus van ruim 1 miljoen euro. Dat bedrag heeft geen invloed op het eindresultaat van de jaarrekening, want de kosten en opbrengsten i.v.m. afval vormen een zgn. gesloten systeem. Eventuele overschotten en/of tekorten werden tot nu toe verrekend in een egalisatiereserve. Alleen, die reserve stond op nul en heeft zelfs in de afgelopen jaren moeten “lenen” bij de Algemene Reserve. Vandaar dat het college nu voorstelt om het overschot van 1 miljoen uit 2020 gedeeltelijk in een Egalisatievoorziening afvalstoffen te storten (450.000); het restant wordt dan als het ware terugbetaald aan de Algemene Reserve. Op zich natuurlijk een goede zaak dat die afvalstoffenheffing weer kostendekkend is.

Drunen, vrijdag 11 juni 2021

Kees Musters

Volg mij ook met korte berichtjes op:     www.twitter.com/keesmusters