Tevreden over 2019; zorgen voor de toekomst

Binnenkort wordt de jaarrekening en het jaarverslag 2019 van de gemeente Heusden in de raad besproken; het college legt verantwoording af over het gevoerde beleid. Is het gevoerde beleid conform raadsbesluiten en is de gemeente daarbij ook binnen de financiële kaders gebleven. Al enkele jaren vertoont de jaarrekening van de gemeente aanzienlijke overschotten; ook in 2019 was dat het geval: er bleef onder aan de streep een bedrag van ruim 3,2 miljoen over. Dat lijkt heel veel, maar daar passen dan toch wel enkele kanttekeningen bij.

Op de eerste plaats zijn diverse geplande uitgaven in 2019 nog niet of niet geheel besteed. Zaken lopen over de balansdatum van 31 december heen en dat betekent dat er nog uitgaven in 2020 zullen gaan plaatsvinden. Deze zgn. budgetoverheveling gaat eind 2019 over een bedrag van ruim 1 miljoen. Dan zijn er de inkomsten en uitgaven in het kader van riolering, die vormen als het ware een gesloten circuit. Binnen dat circuit is er in 2019 een overschot van ruim drie ton en dat wordt gebruikt om een Egalisatiereserve Riolering te vormen. Die reserve wordt dan weer gebruikt om toekomstige schommelingen in de exploitatie van de riolering op te vangen. Zodoende blijft er nog 1,8 miljoen van het genoemde overschot over en dat bedrag wordt toegevoegd aan de Algemene Reserve. Die Algemene Reserve komt eind 2019 uit op 14,3 miljoen, eind 2020 komen we volgens verwachting uit op 15,9 miljoen, m.a.w. we zitten royaal boven de grens van 10 miljoen die de gemeenteraad steeds als minimumniveau aanhoudt. Gelet op de grote onzekerheden die ons nog te wachten staan, Coronacrisis en een economische recessie, kunnen we die reserve nog eens best hard nodig hebben.

De belangrijkste meevaller in 2019 zit in de grondexploitatie. De verliesvoorzieningen konden met een bedrag van bijna 9 ton verlaagd worden; verder was de opbrengst aan leges veel hoger dan verwacht (ruim twee ton). Natuurlijk zijn er ook tegenvallers. Zo moet er 240.000 euro extra naar de Voorste Venne (de vorderingen op de Voorste Venne worden met een bedrag van 148.000 euro afgeboekt als voorziening voor oninbaar).
Een andere tegenvaller is de vennootschapsbelasting: eerder werd verwacht dat de gemeente geen vennootschapsbelasting verschuldigd zou zijn; nu blijkt dat er toch een bedrag van 132.000 euro betaald moet worden.

Verreweg de grootste tegenvaller zit echter in het Sociaal Domein ofwel de zorg: de kosten vallen zo’n 2,6 miljoen hoger uit dan de beschikbare budgetten. Dat grote tekort gaat echter niet ten laste van het rekeningresultaat. Voor het Sociaal Domein is namelijk een speciale reserve gevormd vanuit de overschotten in voorgaande jaren. Binnen dat Sociaal Domein was er ook nog een belangrijke meevaller: het resultaat bij Baanbrekers viel erg gunstig uit en daardoor kwam er ruim 1 miljoen euro terug. De bijstandsuitkeringen zijn harder gedaald dan het beschikbare rijksbudget en dat pakt dus erg gunstig uit. Niettemin moet er opnieuw een forse greep uit de reserve Sociaal Domein gedaan worden en voor de komende jaren ziet dat er niet beter uit. In tegendeel, de kosten van met name de Jeugdzorg, maar bijvoorbeeld ook de kosten van de hulp bij de huishouding nemen naar verwachting alleen maar toe en de tekorten dreigen verder op te lopen. De Reserve Sociaal Domein dreigt nu al terug te lopen naar 3,1 miljoen eind 2020. Reden waarom het college heeft besloten een diepgaand onderzoek te gaan doen naar sturingsmogelijkheden in het sociaal domein om die tekorten terug te dringen. Het blijft een moeilijk beheersbare materie, de zorgkosten nemen alsmaar toe, zowel het aantal cliënten als het prijsniveau, en er zijn veel zgn. open einderegelingen die geen beperking in het budget kennen.

Niet alleen zorgen over de uitgaven in het Sociaal Domein, ook de Coronacrisis en de daaruit voortvloeiende economische recessie baart zorgen. De gemeente ziet zich geconfronteerd met teruglopende inkomsten, denk aan toeristenbelasting, legesopbrengsten, OZB en met toenemende uitgaven zoals bijstandsuitkeringen, bijzondere bijstand (steun aan ZZP-ers), stijgende kosten i.v.m. crisisbeheersing. Vanuit het Rijk is wel toegezegd dat er extra middelen naar gemeenten zullen gaan, maar of dat ook voldoende zal zijn, dat moet nog blijken. Kortom, de vette jaren liggen achter ons, er staat ons een aantal magere jaren te wachten.

Drunen, vrijdag 12 juni 2020

Kees Musters

Volg mij ook met korte berichtjes op:     www.twitter.com/keesmusters