Naar een situationeel grondbeleid?

Het grondbeleid dat de gemeente Heusden in de afgelopen jaren voerde is toe aan een bijstelling, zo schrijft het college in een raadsinformatiebrief die afgelopen woensdag in de informatievergadering Ruimte en Duurzaamheid werd besproken. Het college wil van een passief grondbeleid naar een meer “situationeel grondbeleid” en in de genoemde informatievergadering wilde het college de gevoelens van de raadsfracties daarover peilen.

Het huidige grondbeleid staat beschreven in de nota “Op goede gronden” uit 2016, nog niet eens zo lang geleden. Maar ontwikkelingen gaan snel, denk alleen maar aan het duurzaamheidsbeleid met zijn windenergie en zonne-energie, de nieuwe Woonvisie waarbij ook kleinschalige ontwikkelingen nieuwe kansen krijgen. Onderwerpen die nauw gelieerd zijn aan het ruimtelijk beleid en dus ook aan het grondbeleid.
Dat passieve grondbeleid uit 2016 kwam niet zo maar uit de lucht vallen, daar waren zeer “gegronde” redenen voor. In de jaren daarvoor had de gemeente namelijk een gigantische grondpositie opgebouwd; in 2008 kwamen we vervolgens terecht in een economische crisis en in de jaren daarna werd er in Nederland bijna niet meer gebouwd. In Heusden viel dat nog enigszins mee, maar ook hier zat er een rem op. Die grondpositie is in de afgelopen jaren weliswaar afgenomen, maar toch nog altijd gigantisch, zeker als je dat vergelijkt met andere gemeenten in ons land. Alle financiële kengetallen zoals grondquote, solvabiliteit e.d. staan nog altijd op rood. Een geluk bij een ongeluk: de rente is super laag zodat de financiële impact van die grondpositie de laatste jaren beperkt is. Maar de grondpositie blijft onverminderd groot, denk aan Geerpark, maar vooral aan Grassen en aan Steenenburg. De verkoop van bouwgrond in Geerpark verloopt zeer voorspoedig, de verkoop in de Grassen stagneert (eerst moet die ontsluitingsweg naar de A59 gerealiseerd zijn) en de verkoop in Steenenburg kan op korte termijn beginnen (het bestemmingsplan is onlangs onherroepelijk geworden). Verder heeft de gemeente o.a. nog bouwgrond te koop in de Gorsen in Elshout en in het Victoriaplan in Haarsteeg en op een aantal kleinere inbreidingslocaties. Je kunt dus ook redeneren dat je als gemeente eerst maar eens de gronden die je al hebt moet verkopen en dat een actief grondbeleid (in de zin van nog meer grond voor toekomstige woningbouw aankopen) op dit moment nog niet aan de orde is. Het grote probleem voor de bouw van nieuwe woningen in Heusden is niet zo zeer het gebrek aan woningbouwlocaties, maar veeleer andere problemen zoals stikstof en/of ontsluiting.

Toch wil het college kennelijk meer mogelijkheden hebben om nieuwe ontwikkelingen in gang te kunnen zetten. Men spreekt van een “situationeel grondbeleid”  en men heeft daarvoor een mooie routekaart bedacht (want dat schijnt tegenwoordig erg in te zijn). De naam geeft al een beetje aan wat men daarmee bedoelt: het grondbeleid wordt afhankelijk van de situatie ter plaatse en op dat moment. Men onderscheidt in de routekaart drie situaties:

  1. Een situatie waarbij de gemeente een bepaalde ontwikkeling in gang wil zetten (b.v. woningbouw, infrastructuur) en er is geen marktinitiatief, dan kan de gemeente zelf de nodige initiatieven zoals grondverwerving nemen: een actief grondbeleid;
  2. In een bepaald gebied ligt wel een marktinitiatief en dat initiatief past in het gemeentelijk beleid, dan kan de gemeente dat initiatief verder ondersteunen met een proactief faciliterend beleid;
  3. Komt er een initiatief dat niet past in de gemeentelijke strategie en dat verder weinig of geen toegevoegde waarde heeft aan het bestaande beleid, dan zal de gemeente een zeer terughoudend en een passief faciliterend beleid voeren. Dat betekent overigens niet dat het initiatief dan geen kans van slagen heeft.

Gelet op recente ontwikkelingen en vooral ook gelet op het grote belang van woningbouw lijkt de aanpassing van het grondbeleid een logische stap. Maar er is ook het gevaar van willekeur en vrijblijvendheid. Want wanneer kom je bijvoorbeeld in categorie 2 of in 3, wie bepaalt dat en aan de hand van welke objectieve criteria? Toevalligerwijs ligt er nu een initiatief voor woningbouw in Vlijmen-west voor de hoek Wolput – Abt van Engelenlaan. Het college heeft hierop afwijzend gereageerd omdat er in de directe omgeving al ruim voldoende bouwmogelijkheden zijn (Geerpark en Grassen) en bovendien omdat er hier sprake van een uitbreidingslocatie is terwijl er in de nieuwe Woonvisie nadrukkelijk een voorkeur voor inbreiding wordt uitgesproken. Daar komt nog bij dat ook in Steenenburg de komende jaren woningbouw gerealiseerd gaat worden. Het college ziet daarom geen noodzaak voor een nieuwe bouwlocatie en wil eerst de al bestaande bouwlocaties benutten. De “situatie” op deze plek past dus kennelijk niet in het beleid zoals het college dat voorstaat.

Overigens stond de vergadering afgelopen woensdag niet negatief tegenover het collegevoorstel m.b.t. een bijstelling van het grondbeleid; het voorstel zal nu rekening houdend met de beraadslaging in de komende maanden verder uitgewerkt gaan worden. Het nieuwe grondbeleid kan dan eind dit jaar door de gemeenteraad vastgesteld gaan worden.

Drunen, vrijdag 30 april 2021

Kees Musters

Volg mij ook met korte berichtjes op:     www.twitter.com/keesmusters